In de studio met... LNY TNZ | DJ Mag NL - Living & Breathing Dance Music
Living & breathing dance music!

In de studio met... LNY TNZ

In de studio met... LNY TNZ

Mitchell Vreeswijk en Jan Stadhouders begonnen in 2004 samen als LOONEY TUNEZ, tegenwoordig zijn ze beter bekend als LNY TNZ en reizen ze stad en land af. Van samenwerkingen met Yellow Claw en Diplo tot aan optredens op Defqon.1 Australië en EDC in Las Vegas: ze zitten niet stil. DJ Mag NL kreeg een kijkje in hun keuken.
 

Dit artikel komt uit DJ Mag NL editie #27, releasedatum 26 juli 2016. 

Jullie werken al ruim twaalf jaar samen, hoe begon dat?
Mitchell: “Er is echt gigantisch veel gebeurd in die twaalf jaar tijd. De kortste versie van het verhaal is dat we elkaar leerden kennen in de tijd dat ik nog geregeld op feestjes van sportverenigingen van klasgenoten draaide. We waren toen nog erg jong, maar Jan was al bezig met de hardere muziek afkomstig uit Frankrijk. De muziek van Jan trok ons zo erg aan, dat het ons compleet op avontuur naar Frankrijk stuurde om het te kunnen horen. In Nederland was de hardere muziek toen nog niet zo groot - het was de tijd voordat jumpstyle echt zijn doorbraak kreeg - maar onder meer Darkraver en Lady Dana draaiden het toen wel al. Beiden aangetrokken door de muziek hebben we ons aan eigen producties gewaagd en die belandden al snel in de platentas van Darkraver en vele anderen. Vanaf toen ging het snel.”

Wat hebben jullie geleerd in die periode? 
Mitchell: “We waren vooral jong en naïef, we wisten niets van platencontracten en we hebben daardoor op zakelijk vlak vaak de plank mis geslagen. Verblind door liefde voor de muziek hebben we toch doorgezet want het ging ons ook voor de wind. Toch is die liefde later even bekoeld geweest. We gingen beiden onze eigen weg; Jan maakte zijn studie af en werkte een tijdje in New York, terwijl ik uiteindelijk met mijn PABO-studie stopte en een eigen bedrijfje startte. Dat liep uitstekend, maar toen we uiteindelijk weer bij elkaar kwamen om muziek te maken bleek dat de liefde voor de muziek nog lang niet bekoeld was. We zijn vanaf dat moment weer als vanouds aan de slag gegaan en nu is het plots 2016 en weten we waar we staan en waar we naartoe willen.”

Hoe zag jullie studio eruit toen?
Jan: “Haha, dat was een oude HP-computer die we hebben omgebouwd tot muziek-pc. We draaiden er Fruity Loops 3 op (tegenwoordig FL Studio, red.) en hadden Logitech-speakers met een subwoofer. Het werkte allemaal prima maar later kochten we wel betere apparatuur van het geld dat we verdienden met draaien. Toen kwamen er tweedehands KRK-speakers bij en warden Soundlab-draaitafels verruild voor Technics.”

Wat zien we nu als we rondkijken in jullie studio?
Jan: “Allereerst een fatsoenlijk akoestisch behandelde studioruimte, wat wel een must voor ons was toen we hier introkken. Verder zie je een iMac met een set Genelec speakers en een EVE TS108-subwoofer. Qua hardware hebben we een Clavia Nord Lead 2 en een Access Virus TI Snow en verder een aardige collectie plugins die we in Cubase draaien.”

Hoe werken jullie?
Mitchell: “We hebben een vrij steady ritme: we beginnen hier iedere dag om half tien met een bak koffi e en dan duiken we de studio in tot etenstijd. Als er veel tijdsdruk is, dan trekken we hem wel eens door tot één uur, maar het wordt geen nachtwerk. We zijn een team en we komen vaak tijd tekort, dan verdelen we de taken. Jan is bijvoorbeeld sterker in het businessdeel dus hij steekt daar veel tijd in. Ik werk dan in de studio aan tracks en Jan springt als hij kan bij zodat we ideeën kunnen uitwisselen over arrangementen en sounds. Zodra er meer tijd is werken we gewoon weer als vanouds samen in de studio.”

Welke gear doet jullie hart sneller kloppen?
Mitchell: “Afgezien van het feit dat we helemaal wild zijn van de Virus TI zijn het vaak plugins als Serum of Massive die voor een fl inke dosis inspiratie zorgen. Vaak kunnen we zo diep gaan met sound design dat het al gelijk dik klinkt en een track binnen no time staat.”

Produceren jullie onderweg, zoals velen van jullie collega’s tegenwoordig?
Jan: “Hele tracks onderweg produceren, nee dat gebeurt niet. Wel gebruiken we de laptop om nog snel wat ideeën te checken of om iets te editen voor een optreden. Tijdens ons verblijf in Los Angeles na EDC hebben we wel onze laptop gebruikt toen we daar studiowerk deden. Dan is het een kwestie van snel inpluggen en klaar zijn om te werken. Fijn om al die mogelijkheden te hebben maar het liefst werken we toch thuis, in de vertrouwde studioruimte.”

Wat was de gouden tip die jullie kregen toen jullie begonnen?
Jan: “De beste tip op het gebied van techniek kwam van Maarten Vorwerk, die gaf namelijk al heel vroeg in onze carrière de tip om de overstap van Fruity Loops naar Cubase te maken. Dat heeft veel gedaan voor onze sound waardoor deze steeds beter is gaan klinken. Voor al het andere zijn we iedereen ontzettend dankbaar die ons op het hart drukte dat we vooral moesten doorpakken met onze sound en in onszelf moesten blijven geloven. Een waardevolle tip voor het leven.”

Genre: